Het meisje en de vragen

Ze kijkt, ze denkt. De hele dag. En vervolgens stelt ze vragen. In haar waarom-fase kon ze ons al verbazen. 4 jaar was ze toen ze vroeg ‘waarom zijn wij een mens?’ én ‘waarom denken wij?’ Deze vragen werden overigens omringd door de standaard waaromvragen als “waarom moet ik sokken aan? Waarom moet ik dan eten? Waarom weet jij dat niet? Waarom gaan we nu zwemmen?”

Inmiddels is ze 5. De vragen zijn veranderd. Het zijn niet meer enkel waarom-vragen. Het zijn prachtige onderzoeksvragen. En ik blijf me verbazen. Over dingen waar ik niet eens bij stil sta. Maar nu ineens weer wel. Doordat zij het me vraagt.

Een reeksje van afgelopen week. (Thank God voor internet, waarop ik snel van alles kan opzoeken. Want ik dreig af en toe mijn imago van “hele-intelligente-moeder” wel wat te verliezen, omdat ik niet direct alle antwoorden klaar heb…)

Hoe kan het nou dat een dinosaurusskelet kon verstenen tot een fossiel vroeger?

Hoe kunnen ze nou weten welke kleur dino’s hadden als we alleen maar skeletten hebben gevonden? Of wat voor soort vel ze hadden?

Hoe kan de eerste aap dan ooit op de wereld zijn gekomen, wat was die dan eerst (n.a.v. het ontstaan van mensen/Darwin)

Hoe kan het dat de ramen in de trein er van binnenuit kleiner uitzien dan wanneer je ze aan de buitenkant ziet?

Wie heeft eigenlijk de namen van de vormen bedacht?

Waarom spreken mensen in verschillende landen ook andere talen?

En hoe komt het dat ze in Frankrijk de g niet kunnen zeggen. Dan zeggen ze ‘zje’.

Tot hoe ver kun je tellen?

Waarom heeft februari minder dagen dan de andere maanden?

Als bij ons nu de zon schijnt, hoe kan het dan dat hij ook in een ander land schijnt?

Waar zitten je hersenen eigenlijk precies in je hoofd? En hoe weten je hersenen dan dat er een geluid in je hoofd is gekomen als je iets hoort? 

Hoe werkt een motor in een auto? En waarom moet je eigenlijk tanken?

Kan het op aarde ook 200 graden worden?

In één week mensen, 1 week. En ik ben vast nog vragen vergeten. En in die ene week zit ze heel veel uren op school, wat vraagt ze daar dan nog allemaal?
Geen paniek: ik hoef geen antwoorden. Ik kreeg ze al, vond ze al en gaf ze al door aan mijn kleine onderzoeker. Ze leidden tot nieuwe vragen. Dat wel. Maar dat is goed.

Ik ben het alleen soms even beu. Heel even. Vooral om 7u ’s ochtends zeg maar.
‘mama, ik werd wakker en dacht: hoe kan het dat we in slaap vallen en vanzelf weer wakker worden?’